
19 november 2025: Het jaarsymposium van de Nederlandse Vereniging voor Bio-ethiek (NVBE) was dit jaar gewijd aan abortus. Aanleiding was het Preadvies van de NVBe, met bijdragen van Hafez Ismaili m’Hamdi, Theo Boer, Lisette ten Haaf, Trudy Dehue, Tsjalling Swierstra en mijzelf. In twee panels werd de discussie gevoerd over de rol van technologie, het recht, biologie en materie, waardigheid, mensenrechten, beschermwaardigheid van leven en integriteit van het lichaam. Enkele van mijn punten waren, dat vaak het zwangere lichaam onzichtbaar wordt gemaakt, zo ook op de cover van het preadvies zelf. Verder stelde ik dat de vaak gebezigde argumenten van ‘beschermwaardigheid van het leven’ en ‘integriteit van het lichaam’ zeer selectief worden gebruikt. In onze samenleving wordt immers zelden iemand het recht ontzegd om zelf te beslissen over het eigen lichaam, omwille van het redden van een ander leven. Met andere woorden: men wordt zelden (of nooit) verplicht om het leven van een ander te redden, en daarbij verregaande lichamelijke ingrepen te ondergaan (vaccinatie, operatie, risico om gezondheidsschade). Dat recht wordt echter aan zwangeren ontzegd, zolang abortus nog strafbaar is. Deze ongelijkheid in ethisch redeneren kaartte ik aan, er volgde een goede discussie.
16 september 2025: Tijdens de expertavond “Ruimte voor de keuze – over zelfbeschikking, invloed en belangen rondom ongewenste zwangerschap” van Fiom sprak ik over een zorgethisch perspectief op zelfbeschikking en invloed bij ongewenste zwangerschap. In de zaal zaten keuzehulpverleners, onderzoekers, abortusartsen en medewerkers van abortusklinieken, abortusbuddy’s, en andere experts en betrokkenen. Aan hen presenteerde ik de ethische argumenten die vaak in de discussie rondom abortus worden ingebracht, en toonde de inconsistentie van veel argumenten aan; ik ging daarna in op het ‘zelf’ van zelfbeschikking aan de hand van Paul Ricoeurs visie op narratieve identiteit, en Hilde Lindemanns visie op hoe verhalen invloed hebben én kunnen helpen op zelfbepaling in de wisselvalligheid van levens. Verhalen helpen voor zwangeren en partners om betekenis te vinden en geven. Aandachtig luisteren is een vorm van zorg, zeker als het oordeel kan worden weggelaten. Samen het verhaal co-construeren, waar nodig, is moreel goede zorg. Ik zoomde daarna uit op de institutionele en politieke kant van zelfbeschikking in het licht van de naderende verkiezingen en daaropvolgende coalitieonderhandelingen. Druk vanuit bepaalde (m.n. religieuze en conservatieve) minderheidsgroepen kan leiden tot politieke besluiten met langdurige consequenties voor de zelfbeschikking van zwangeren. De avond bood workshops en de theatervoorstelling ‘Verhalen van Verwekkers’, groot engagement en diepe gedrevenheid.
7 mei, 14 mei en 21 mei 2025: Om 21.10 uur op NPO 3 is de docuserie ‘Welmoed en de Bevroren Eitjes’ te zien, ook te streamen via NPO Start. Welmoed Sijtsma interviewde mij voor deze serie over de filosofische en ethische kanten van de praktijk om eicellen in te vriezen om sociale (niet-medische) redenen. Invriezen van eicellen kan een serieuze vraag zijn die zich met name opdringt wanneer de vruchtbaarheid afneemt. De redenen voor ‘social freezing’ kunnen gelaagd zijn: eerst meer economische zekerheid willen hebben, eerst een vaste relatie vinden, of een eigen huis, een vaste baan, of er nog niet aan toe zijn om een gezin te starten. Tegelijkertijd geeft het invriezen ook lasten: de behandeling is fysiek belastend, de kosten zijn niet gering, en als de eicellen zijn ingevroren, blijft er een druk om over de eicellen te beslissen: wil ik ze bewaren, hoe lang nog, et cetera. Welmoed Sijtsma en haar redactie doken diep in deze praktijken en vragen. Het eindresultaat is hier te zien.

6 maart 2025: Twee dagen voor Wereldvrouwendag 8 maart ontving ik mijn nieuwe boek ‘Baarzaam’. Het blijft een bijzonder moment om de materiële uitkomst van mijn denkwerk in handen te houden.
27-28 februari 2025: Ik nam deel aan het congres ‘Zwangerschap, geboorte en moederschap over de disciplines heen’ van de Faculteit Rechten van de Universiteit Antwerpen. De interdisciplinaire bijeenkomst was zeer interessant en verrijkend, precies op ‘mijn’ onderwerpen: zwangerschap, geboorte en moeder-/ouderschap. De volgende inzichten kwamen als urgent naar voren:
– de reproductieve rechten van alle mensen met een baarmoeder staan nog steeds en weer onder druk,
– ook normale patiëntenrechten zoals informed consent en integriteit van het eigen lichaam worden voor zwangeren betwist,
– meeroudergezinnen voeren al decennia de strijd voor juridische erkenning, maar het cisheterogezin is nog steeds de norm,
– het is een illusie om te denken dat dit alleen in de VS, Hongarije of Polen zo is,
– ondanks positieve ontwikkelingen is de tendens ook in Nederland en België om het discours te normaliseren waarin verworven rechten worden ondermijnd of reproductieve rechten niet worden toegekend.
21 februari 2025: TV-opnamen op de 9-maandenbeurs voor een nieuw programma van presentatrice Welmoed Sijtsma, waarin zij de keuze rondom ‘social freezing’ onderzoekt. ‘Social freezing’ betekent: het (met behulp van hormonen) kweken, opprikken en laten bevriezen van de eicellen om niet-medische redenen. Mensen met een baarmoeder kunnen hiervoor kiezen, bijvoorbeeld om te voorkomen dat zij onvruchtbaar blijken te zijn op het moment dat zij zwanger willen worden. Grote bedrijven bieden dit soms aan hun werknemers aan. Welmoed vroeg mij naar ethische overwegingen rondom twee punten: (1) de normatieve druk die schuilgaat achter de mogelijkheden om je vruchtbare tijd te verlengen. Natuurlijk kun je kiezen voor ‘social freezing’ waardoor je tijd koopt om eerst aan andere dingen in het leven toe te komen, voordat je zwanger wordt. Maar er gaat ook een keuzedruk mee gepaard: je moet blijven kiezen of je de eicellen wilt bewaren of gebruiken en wanneer daarvoor het juiste moment is aangebroken. En nu wordt er onherroepelijk een zekere norm gegeven door bedrijven die het (soms) normaal vinden om ‘social freezing’ als optie aan te bieden, nl. dat je je zwangerschap ook ‘gewoon’ kunt uitstellen. Zou het alternatief niet ook goed zijn om te overwegen: dat bedrijven méér ruimte geven voor zwangerschap in de vruchtbare leeftijd? En (2) worden niet in elke generatie mensen die zwanger kunnen worden door maatschappelijke, religieuze en/of politieke beïnvloeding normatief aangestuurd in hun keuzes? Dat is zeker het geval. Mijn oma’s kregen als katholieke vrouwen de norm mee dat zij grote gezinnen moesten stichten; mijn moeder werd bij haar huwelijk ontslagen vanuit de gedachte dat zij aan een gezin zou beginnen, terwijl ik zelf de boodschap kreeg om vooral eerst economisch zelfstandig te worden voordat ik zwanger zou worden (‘Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid’). De generatie na mij kreeg de boodschap dat ze niet te lang moesten wachten met zwanger worden: ‘Een slimme meid plant haar zwangerschap op tijd’. En tegenwoordig spreken we van de normatieve druk van ‘intensive motherhood’ (Hays 1996) en ‘new momism’ (Buchanan 2019) door de druk van sociale media die onbereikbare idealen voorhouden aan ouders (veelal moeders) om alles te doen wat mogelijk is voor de ontwikkeling van kinderen. Met dank aan de redactie die grondig voorwerk deed en aan Welmoed Sijtsma voor de prettige wijze van interviewen.
17 december 2024: Mijn tweede column (zie hieronder) in het VakbladVroeg, over zorgethische vragen in de zorg voor heel jonge kinderen en hun gezin. In deze zorg staan contextualiteit en relationaliteit centraal, en het kijken vanuit meerdere perspectieven. Net als in zorgethiek. Wat fijn dat ik in dit belangrijke werkveld mag bijdragen aan de reflectie op ethische en existentiële vragen.
In deze bijdrage bespreek ik een ingewikkelde casus waarbij de belangen van een pasgeborene en haar ouders botsen. De ouders zijn overweldigd door rouw en verdriet door de desastreuze prognose voor hun dochtertje, zodanig dat zij zich van haar distantiëren. Maar het meisje leeft onverwacht langer en heeft de ouders heel hard nodig voor haar sociaal-emotionele ontwikkeling. Zouden de ouders te bewegen zijn om het contact aan te gaan, met alle verdriet van dien?
5 december 2024: In het wederom opgelaaide abortusdebat naar aanleiding van een onderzoek van Rutgers over anticonceptiegebruik en abortus, werd ik geïnterviewd in Trouw. Het interview zit achter een betaalmuur, maar dankzij abonnementen of betalen voor toegang kunnen de journalisten van deze krant hun werk doen, dus misschien moeten we daar wat voor over hebben. Ik reageerde op de eerdere bijdrage ‘Vrouwen schatten kans op zwangerschap soms verkeerd in’. Ik maakte drie punten:
– Ten eerste maken we individuele meisjes en vrouwen verantwoordelijk voor iets waar gezamenlijke verantwoordelijkheid voor genomen moet worden. Zo heeft ook de partner verantwoordelijkheid voor deugdelijke anticonceptie; deze ontspringt structureel de dans in dit debat. Ook moeten we collectief zorgen voor goede informatie en het bestrijden van desinformatie. Als we dat niet collectief doen, laten we mensen die zorg nodig hebben (ook abortuszorg) in de steek.
– Verder valt me op dat we op meer vlakken meten met twee maten: (1) als het aankomt op beschikking over het eigen lichaam, vinden we dat in de gezondheidszorg heel normaal. Dat is een verworven recht. Behalve als het over abortus gaat, dan zijn er mensen die dat recht betwisten. Maar de ongeboren vrucht heeft het lichaam eromheen nog heel lang nodig om te ontwikkelen. Toch krijgt de zwangere, die dat negen maanden doormaakt en ook de baring en het ontzwangeren, nauwelijks stem. En (2) als het aankomt op de verantwoordelijkheid voor de zorg voor kinderen, vertrouwen we deze nog altijd meer toe aan vrouwen dan aan mannen. Toch vertrouwen we hen kennelijk niet de verantwoordelijkheid toe om af te zien van het krijgen van een kind. Dat laatste hoort ook bij verantwoordelijkheid: dat je ook kunt kiezen om deze niet te dragen.
– Tenslotte: de kern van zorgen is dat het een reactie is op een nood, op lijden of ziekte. Als iemand lijdt en daarvoor kundige zorg nodig heeft, geven we die. Daarvoor hebben we de zorg ingericht. Daarbij hoort het niet om te vragen of iemand zelf schuld heeft. Dat doen we ook niet bij mensen die roken of drinken, gevaarlijke sporten doen, et cetera.
Mijn pleidooi laat zich samenvatten als: laten we niet te snel oordelen en stoppen met bevoogden.

2 december 2024: Podcast Careful Thinking – Een mooie podcastserie van de Britse zorgethicus Martin Robb, waarin hij vooraanstaande zorgethici interviewt. Hij bevroeg mij uitgebreid (in het Engels) over de onderwerpen waaraan ik mijn denkende leven heb gewijd: zorg, opoffering en het begin van het leven (zwangerschap, geboortezorg, ouderschap, reproductieve rechten). Dankzij het engagement van Martin met mijn werk, waar hij echt studie van had gemaakt, werd het een interview met diepgang. En wat een mooie serie om in opgenomen te zijn. Wie deze podcastserie wil volgen, alsook de reflecties van Martin Robb op het interview, kan zich via deze link ook aanmelden voor de nieuwsbrief ‘Careful Thinking’.
30 november 2024: Social freezing – Een stuk over de wenselijkheid, risico’s, kosten én normativiteit van het invriezen van eicellen om sociale (dus: niet-medische) redenen. Sanne Eijkelestam interviewde voor RTV Utrecht meerdere betrokkenen – een gynaecoloog, een medisch ethicus, en mij als zorgethicus – hierover. Het punt dat ik maakte was, dat deze praktijk weliswaar enige extra tijd geeft aan vrouwen (en anderen die zwanger kunnen worden), maar dat de druk nog altijd eenzijdig bij hen wordt gelegd. Kennelijk houdt de samenleving weinig rekening met hun levensloop, past zich niet daarop aan en neemt geen collectieve verantwoordelijkheid, maar individualiseert de verantwoordelijkheid voor zwangerschappen en het voortbrengen van toekomstige generaties.
27 september 2024: Mijn eerste column (zie hieronder) in het VakbladVroeg, over zorgethische vragen in de zorg voor heel jonge kinderen en hun gezin. In deze zorg staan contextualiteit en relationaliteit centraal, en het kijken vanuit meerdere perspectieven. Net als in zorgethiek.
In deze eerste column reflecteer ik op de ethische bagage die professionals met zich meedragen en die een rol speelt in hun handelen. Altijd al. Ethiek is niet iets hoogs of moeilijks, maar is persoonlijk en eigen. Mooi om in dit belangrijke werkveld bij te dragen aan de reflectie op ethische en existentiële vragen.